Kostprijsopbouw van een offerte in de machinebouw
Voor calculators, eigenaren en CFO's in de machinebouw, metaal en toelevering.
Kort antwoord
De kostprijs van een offerte in de machinebouw bestaat uit vier delen: materiaal uit de stuklijst inclusief zaag- en snijverlies, bewerkingen (uren per werkplek maal het uurtarief van die werkplek), uitbesteed werk, en opslagen voor algemene kosten en risico. Daarna pas komt de winstopslag. Reken een uurtarief per werkplek uit, niet één tarief voor de hele werkplaats. En let op: een winstopslag van 30% op de kostprijs is een marge van 23% op de verkoopprijs.
In het kort
- Materiaal + bewerkingen + uitbesteed werk + opslagen = kostprijs. Daarna de winst.
- Uurtarief per werkplek = kosten van die werkplek per jaar ÷ uren die je echt aan orders kunt boeken.
- Opslag is geen marge: 30% opslag op de kostprijs is 23% marge op de verkoopprijs.
- Gebruik in de voor- en de nacalculatie dezelfde posten, anders kun je achteraf niets vergelijken.
1. Waar een prijs uit bestaat
| Deel | Wat erin zit | Hoe je het berekent |
|---|---|---|
| Materiaal | De stuklijst: plaat, profielen, aandrijving, hydrauliek, elektro, bevestiging | Aantal × prijs per eenheid × (1 + verlies) |
| Bewerkingen | Zagen, CNC, lassen, hydrauliek, elektro, montage, test, engineering | Uren × uurtarief van die werkplek |
| Uitbesteed werk | Stralen, coaten, verzinken, transport | Inkoopprijs |
| Opslagen | Algemene kosten (als die niet in de uurtarieven zitten) en risico | Percentage van de directe kosten |
| Winst | Wat je wilt verdienen | Percentage van de kostprijs |
Hieronder staat een fictieve order: een frame met hydraulische aandrijving. Pas aantallen, prijzen, uren en opslagen aan en zie direct wat er met de kostprijs en de marge gebeurt.
Rekentool: kostprijsopbouw
Materiaal
€ 9.173- Plaat – S355 – 10 mm (kg)€ 1.814
- Koker – S355 – 100 × 100 × 6 mm (m)€ 756
- Kogellager – 6316-2RS€ 380
- Hydromotor – radiaal – 800 cc€ 3.900
- Hydrauliekpomp – tandwiel – 16 cc€ 1.450
- Hydrauliekslang – 2SN – 1/2" × 2000 mm€ 510
- Eindschakelaar – rolhefboom – IP67€ 130
- Relais – 24 V DC – 4-polig€ 90
- Zeskantbout – 8.8 verzinkt – M16 × 60€ 63
- Lasdraad – G3Si1 – 1,0 mm (kg)€ 80
Bewerkingen · 172 uren
€ 11.851- Zagen€ 407
- CNC-bewerking€ 1.840
- Lassen€ 3.829
- Hydrauliek€ 1.481
- Elektro€ 1.000
- Montage en test€ 2.338
- Engineering€ 955
Uitbesteed
€ 2.250- Stralen en conserveren
- Transport naar klant
Opslagen
Wat als, bij dezelfde verkoopprijs
2. Het uurtarief per werkplek
Een uurtarief is alle kosten van een werkplek per jaar, gedeeld door de uren die je echt aan orders kunt boeken. Dus niet de uren dat de werkplaats open is, maar de uren die op een order terechtkomen.
De formule
Uurtarief = (loonkosten + afschrijving machines + ruimte en energie + onderhoud en gereedschap + deel indirecte kosten) ÷ (beschikbare uren × bezetting)
Met één tarief voor de hele werkplaats reken je een CNC-uur even duur als een montage-uur. Orders met veel machinewerk worden dan te goedkoop geoffreerd, en orders met veel handwerk te duur. Dat zie je pas terug als je nacalculeert.
| Werkplek | Kosten per jaar | Productieve uren | Uurtarief |
|---|---|---|---|
| Zagen | € 76.000 | 1.120 (70% van 1.600) | € 67,86 |
| CNC-bewerking | € 138.000 | 1.200 (75% van 1.600) | € 115,00 |
| Lassen | € 84.500 | 1.280 (80% van 1.600) | € 66,02 |
| Montage en test | € 79.500 | 1.360 (85% van 1.600) | € 58,46 |
Bij CNC weegt de afschrijving van de machine zwaar. Daarom ligt dat tarief bijna twee keer zo hoog als bij montage.
Reken je eigen tarief uit. Het verschil tussen een bezetting van 70% en 85% is groter dan je denkt.
Uurtarief per werkplek
Kosten per jaar
Zelfde kosten, andere bezetting
- 60%€ 88,02
- 70%€ 75,45
- 80%€ 66,02
- 90%€ 58,68
Bezetting maakt het grootste verschil
Een werkplek die 70% in plaats van 85% van de tijd boekbaar is, heeft een uurtarief dat ruim 20% hoger ligt. Gebruik daarom je eigen boekbare uren uit de urenregistratie, niet een gemiddelde uit een tabel.
3. Opslag is geen marge
De meest gemaakte rekenfout in offertes. Een opslag reken je over de kostprijs, een marge over de verkoopprijs. Daardoor is de marge altijd lager dan de opslag.
| Winstopslag op de kostprijs | Marge op de verkoopprijs |
|---|---|
| 10% | 9,1% |
| 15% | 13,0% |
| 20% | 16,7% |
| 25% | 20,0% |
| 30% | 23,1% |
| 40% | 28,6% |
| 50% | 33,3% |
Marge = opslag ÷ (1 + opslag). Andersom: opslag = marge ÷ (1 − marge). Wil je 25% marge, dan heb je 33,3% opslag nodig.
4. Zo bouw je een offerte op
- 1
Maak de stuklijst
Vanaf de tekening of een vergelijkbare eerdere order. Elk artikel met een artikelnummer, aantal en eenheid.
- 2
Tel het verlies erbij
Zaag- en snijverlies op plaat en profielen, en afval op bevestiging. Gebruik je eigen kengetal uit de nacalculatie.
- 3
Schat de uren per werkplek
Per bewerking: zagen, CNC, lassen, hydrauliek, elektro, montage, test en engineering. Gebruik je rekenregels en reken test en engineering apart.
- 4
Vraag uitbesteed werk op
Stralen, coaten, verzinken en transport. Een recente prijs van de leverancier is beter dan een schatting.
- 5
Zet de opslagen erop
Algemene kosten alleen als die niet al in de uurtarieven zitten, anders tel je ze dubbel. Plus een opslag voor risico of onvoorzien.
- 6
Bepaal de winstopslag en controleer de marge
Kijk naar de marge op de verkoopprijs, niet alleen naar de opslag.
- 7
Bewaar de opbouw bij de order
Dan kun je na afloop per post vergelijken met wat het echt kostte.
5. Wat als de staalprijs stijgt?
Met een opbouw per post is dat een rekensom. In het voorbeeld hierboven kost een staalprijs die 10% stijgt, samen met uurtarieven die 5% stijgen, € 892 marge. Bij dezelfde verkoopprijs zakt de marge van 23,1% naar 20,3%. Probeer het zelf met de schuifjes in de rekentool.
Met een Excel van vier kolommen, zoals "constructie, hydrauliek, elektro, montage", kun je die vraag niet stellen. Dan weet je niet hoeveel staal erin zit, of hoeveel uren.
6. Veelgemaakte fouten
- Eén uurtarief voor de hele werkplaats. Machine-uren worden te goedkoop, handwerk te duur.
- Verlies vergeten. Netto gewicht uit de tekening is niet wat je inkoopt.
- Test en engineering verstopt in montage. Dan zie je achteraf niet waar de uren heen gingen.
- Algemene kosten dubbel tellen. Eén keer in het uurtarief en nog eens als opslag.
- Opslag verwarren met marge. 30% opslag is 23% marge.
- De opbouw niet bewaren. Zonder opbouw bij de order is nacalculatie niet mogelijk.
Veelgestelde vragen
Wat is het verschil tussen kostprijs en verkoopprijs?
De kostprijs is wat de order jou kost: materiaal, bewerkingen, uitbesteed werk en opslagen voor algemene kosten en risico. De verkoopprijs is de kostprijs plus je winstopslag. Het verschil tussen de twee, gedeeld door de verkoopprijs, is je marge.
Hoe bereken je het uurtarief van een machine of werkplek?
Tel alle kosten van die werkplek per jaar bij elkaar: loonkosten, afschrijving, ruimte en energie, onderhoud en gereedschap, en een deel van de indirecte kosten. Deel dat door de uren die je per jaar echt aan orders kunt boeken. Die boekbare uren zijn de beschikbare uren maal de bezetting.
Moeten indirecte kosten in het uurtarief of in een opslag?
Allebei kan, maar kies er één. Zitten ze in het uurtarief, zet de opslag algemene kosten dan op nul. Zitten ze in een opslag, laat ze dan uit het uurtarief. Anders tel je ze dubbel.
Welke bezetting moet ik aanhouden?
Gebruik je eigen cijfers: de uren die op orders zijn geboekt, gedeeld door de beschikbare uren. Heb je die nog niet, begin dan met een voorzichtige schatting en stel bij na drie maanden urenregistratie op de order.
Hoe vaak pas je uurtarieven aan?
Minstens één keer per jaar, en als er iets groots verandert: een nieuwe machine, een loonsverhoging, een andere energieprijs of een duidelijk andere bezetting.
Bronnen
Cijfers en uitspraken van anderen op deze pagina komen hiervandaan. Rekenvoorbeelden zijn fictief.
- ECI: Ridder iQ, cloud-ERP voor maakbedrijven Voorbeeld van een ERP met stuklijstbeheer en calculatie voor de maakindustrie.
Over de schrijver
Safouan Bolbaroud · Oprichter van Agentfabriek
Safouan bouwt bij Agentfabriek automatiseringen bovenop de ERP-systemen van maakbedrijven en groothandels. Hij schrijft over wat er eerst op orde moet zijn voordat automatiseren zin heeft.